Waar sommige artiesten jaren over doen, doet Sonic Youth niet moeilijk over. Deze maand komt hun 16e (!) studioalbum uit. En tussen al die platen hebben ze nog talloze zijprojecten, werk dat veelal in de underground blijft hangen.
De band opereert al sinds ’83 in dezelfde bezetting. Voor The Eternal is de bas echter vergeven aan (ex-Pavement en speelde al eerder met Sonic Youth’s Kim Gordon in Free Kitten), waardoor Gordon de bas heeft verruild voor gitaar.
De afgelopen jaren klonken de Sonic Youth wel erg netjes, wat uitmondde in ‘te gelikt’. The Eternal klinkt lekker vertrouwd! Kim Gordon schreeuwt in de korte binnenkomer ‘Sacred Trickster’ met haar prachtige, onvaste stem over de welbekende fuzz gitaren. Dat ze laatst nog 56 jaar is geworden, verraden alleen haar oude benen onder de – nog altijd – zeer korte rokjes.
Het samenspel van Lee Ranaldo en Thurston Moore bevestigt Sonic Youth’s status als belangrijke band. Het zit niet altijd moeilijk in elkaar, maar het is oh zo doeltreffend. Want kleine riffjes schrijven die tussen je oren kruipen en urenlang blijven ronddolen, zoals in ‘Anti-Orgasm’ of ‘What We Know’, dat is altijd al hun kracht geweest.
<Al doen sommige nummers denken aan de oude sound van Sonic Youth, The Eternal klinkt zeker niet gedateerd, het klinkt eerder fris. Het verschil met hun oude geluid is dat op The Eternal de noise wat meer achter het melodieuze is geschoven. Wat niet eens zo verkeerd is. Want na ongeveer 30 jaar schrijft de band nog steeds werk dat tot het beste uit hun repertoire behoort. Bijvoorbeeld ‘Antenna’, een van de mooiste tracks die Sonic Youth de laatste jaren heeft geproduceerd. Zes minuten Thurston Moore’s breekbare, tedere stem in een uitgerekt epos.
The Eternal bevat meer van dat. ‘Massage The History’, zorgt voor tien minuten kippenvel. Kim fluistert, kreunt en steunt deze epische song in. Bij de laatste toon komt het verlangen naar plaat nummer 17 alweer bij me opzetten. Sonic Youth is nog lang geen vergane glorie.
Freek van Andel

The way you’re dancing / Makes me come alive. Zo begint Brian Molko zijn nieuwe plaat Battle For The Sun. Ja, zo waar optimistisch. Het was even knokken, maar na vijf verbitterde albums gaat de zon schijnen voor Molko en de zijnen. Dat wil niet zeggen dat ze dansen op tafel, maar de liedjes zijn in ieder geval makkelijker te verteren.
Commercieel gezien, heeft dit album behoorlijk wat potentie. Placebo klinkt vriendelijker en de volle arrangementen geven Placebo een meer actueel geluid. Fans zullen niet massaal klagen en nieuwe fans zijn te bereiken via deze weg. Een slimme update zonder het roer om te hoeven gooien. Het resultaat, is best goed.
Fakkelbrigade. Opgezwolle zonder DJ Delic, maar dan met Typhoon, het minder bekende duo BlaBla en beatmaker A.R.T. Een zooitje Zwolse hiphoppers bij elkaar gegooid. Typhoon zei al eens in zijn solowerk dat de Zwolse scene als een drempel werkt voor andere rappers (‘We remmen ze’). Zo was het, zo is het en met de recente release Colluci Era blijft dat nog wel even zo. In deze recensie geen ruimte voor een opbouw naar een climax. Betere Nederhop dan op Colluci Era is er nog niet gemaakt. De plaat overstijgt zijn eigen genre.
Het is niet zozeer de inhoud of boodschap van de teksten die Colluci Era tot een meesterwerk maken. Dit is creativiteit ten top. En creativiteit draait niet om inhoud, maar om de kunst. Deze kunstenaars hebben de Zwolse drempel gepromoveerd tot een Deltadijk. Wie durft er nog te komen na deze plaat?
Drie redenen waarom Neil Young dit weekend in Ahoy beter was dan tijdens zijn laatste tour in 2008. Het entreekaartje was met 70 euro de helft (!) goedkoper, Admiral FreeBee deed het voorprogramma in plaats van vrouwlief Peggy Young en de ouwe rockheld bespeelde zijn gitaar of hij het ding net ontdekt had.
Niet dat het allemaal strak, zuiver en perfectionistisch is. Het is vooral rocken. En uitgerekend de man die dat tot een werkwoord heeft gemaakt, beheerst het nog als geen andere generatiegenoot. ‘R
Z’n baard is weggeschoren, z’n oude truckerspet is ingeruild voor een muts en hij heeft één van de leukste Amerikaanse indiebands verlaten voor een solocarrière. Ex-Grandaddy frontman Jason Lytle maakt grote levensstappen. ‘Just Like The Fambly Cat’ (2006) is het laatste studioalbum van Grandaddy, welke eigenlijk al grotendeels door Lytle was opgenomen. ‘Yours Truly, The Commuter’ is zijn eerste solowerk.
‘Yours Truly, The Commuter’ is een Grandaddy plaat, maar mist bandgevoel en diversiteit. Misschien heeft Lytle het solo idee iets te letterlijk genomen. Lytle schreef en speelde alles, produceerde het album en maakte de hoes. Toch maar een stel muzikanten en een producer optrommelen voor de volgende plaat?
Een nieuwe plaat van oude rockers ontkomt er niet aan: de onvermijdelijke vergelijking met de hoogtijdagen. Zo ook de nieuwe cd van UFO: The Visitor. Meestergitarist Michael Schenker is alweer een flinke tijd uit de band waardoor de kans dat klassiekers als Strangers In The Night overtroffen worden natuurlijk niet zo groot is. Toch laat UFO zien dat ze het rocken nog niet helemaal verleerd zijn, al zijn ze misschien niet meer zo jong en wild als in hun gloriedagen.
The Vistor komt ’t best tot z’n recht als je jezelf dwingt even geen vergelijkingen te maken met vervlogen tijden en misschien zelfs even vergeet dat het hier om UFO gaat. Maar dat dat nodig is om deze plaat echt te kunnen waarderen, is natuurlijk geen goed teken. UFO levert een lekkere rockplaat af, niet meer en niet minder.
Hombre Lobo druipt van verlangen. Het verlangen naar de liefde van een specifieke vrouw. En zoals te verwachten bij E, gaat het niet zoals hij het graag zou zien. Het jongste EELS album is geschreven vanuit het standpunt van een eenzaat die zijn verlangen nooit vervuld ziet.
Voor de gezonde mensen: koop deze plaat , luister hem, zet hem in de platenkast en haal hem weer te voorschijn als de liefde je zwaar valt, want We Don’t Have A Choice In Matters Of The Heart.
In the beginning there was nothing / To be honest, that suited me just fine / I was three weeks late coming out of the womb/ In no great rush to join the rest of mankind . En Jarvis is binnen. Het is weer ouderwets Lachen met Jarvis en Gieren met Cocker op het tweede soloalbum van de zanger van Pulp.
Als kind wilde je naast brandweerman, politieagent en voetballer natuurlijk maar één ding worden: piraat. Een beetje rondvaren, af en toe een schat opgraven en natuurlijk vijandige schepen enteren. Jammer dat je na een paar jaar toch wel begon te beseffen dat je van je zakgeld geen schip kon betalen en dat het toch wel lastig ging worden een hele bemanning tevreden te houden. En een houten been, dat is toch wel lastig lopen. Spoedig werd je piratenpak in de kast opgeborgen naast je politiepet en je te klein geworden loopauto. Alweer een jongensdroom die nooit in vervulling zou gaan.
Ik ben een beetje huiverig geworden voor muziek die me wegblaast. Te vaak heb ik in het verleden een plaat met een te hoge score beloond, die achteraf misschien niet verdiend was. Dus ik sta een beetje wantrouwend tegenover de nieuwe Grizzly Bear. Het is namelijk op dit moment de beste plaat van het jaar. Misschien wel van de afgelopen twee jaar. Maar ja, wie weet wat er morgen weer komt?
eigenlijk maakt dat me niet uit. Ik kan genieten van het moment, en op dit moment is Veckatimest van een ongeevenaarde schoonheid. Misschien dat ik daar in de herfst anders over denk, maar dan kan ik altijd nog een rectificatie plaatsten. Geniet ondertussen van